2009-5-11
Ondanks recessie minder vertrekkende CEO's in Europa en V.S.

Nederlandse topmannen vertrokken in 2008 voornamelijk vanwege overname in eerste helft van het jaar of gepland pensioen

Aanzienlijke toename gedwongen vertrek in financiële sector

In Europa en de Verenigde Staten is het totaal aantal CEO-wisselingen in 2008 afgenomen. Ondanks de recessie nam ook het percentage topmannen dat gedwongen werd om te vertrekken vanwege prestatie of onenigheid over de strategie in Europa en de V.S. af ten opzichte van het jaar daarvoor. Wereldwijd nam het aantal vertrekkende topmannen in 2008 licht toe, echter met name doordat in Azië het verloop toenam. Dit blijkt uit de jaarlijkse studie naar CEO-wisselingen bij 2.500 beursgenoteerde ondernemingen van Booz & Company. Uit de studie blijkt bovendien dat het aantal gedwongen ontslagen in 2008 zoals verwacht is toegenomen in de financiële sector. Het CEO-verloop in Nederland steeg in 2008 licht. Iets meer dan een derde van de topmannen op de AEX vertrok, voornamelijk vanwege fusies en overnames die in de eerste helft van 2008 plaatsvonden. Bedrijven in de westerse landen blijken in het huidige onzekere economische klimaat zo veel mogelijk te kiezen voor continuïteit en dus voor hun huidige topman die de organisatie goed kent.

Voorkeur voor continuïteit
Sinds 1996 onderzoekt Booz & Company wereldwijd de trends en cijfers rondom het vertrek van topmannen vanwege opvolging, ontslag of fusies & overnames. In Europa en de Verenigde Staten, waar de recessie hard heeft toegeslagen en waar de meeste wisselingen van de wacht in afgelopen twee jaar plaatsvonden, nam het aantal CEO’s dat vertrok in 2008 af. In Europa van 17,6% in 2007 naar 15,7% in 2008 en in de V.S. vertrok in 2007 15,2% van de CEO’s van topbedrijven en in 2008 14,7%. Ook nam in Europa en de V.S. het aantal gedwongen ontslagen vanwege prestatie of verschil van mening over de strategie licht af: respectievelijk van 5.8 naar 5.5% en van 4.3 naar 4.2% van het totaal aantal wisselingen in deze regio’s. Topmannen die nu aan het roer staan krijgen duidelijk het voordeel van de twijfel, al is de economische crisis wel een leiderschapstest: "De druk op de CEO om te presteren is en blijft hoog maar in deze onzekere tijd blijkt dat veel bedrijven en bestuurders voor continuïteit kiezen”, aldus Marco Kesteloo, vice president bij Booz & Company.

Verloop CEO’s in Nederland in 2008 nagenoeg gelijk aan 2007
In 2008 vertrokken in totaal 9 CEO’s die een AEX-bedrijf aanvoerden (36% van alle CEO’s van een AEX-bedrijf), terwijl dat er in 2007 acht in totaal waren (30%)waren. Echter het merendeel vertrok vanwege een fusie of overname met name in het eerste half jaar van 2008: vijf van de negen zijn om die reden weggegaan. Een derde vertrok vanwege gepland pensioen. Ook in Nederland is er, ondanks de crisis die sinds eind vorig jaar in ons land voelbaar is, geen sprake van een significante toename van vertrekkende topmannen: ”Het is duidelijk dat ook Nederlandse bedrijven voor continuïteit kiezen. Dan is het begrijpelijk dat er pas op de plaats wordt gemaakt. Als er niet een duidelijke reden voor vervanging is, houdt men liever vast aan een topman die de organisatie goed kent.”, zegt Otto Waterlander, vice president bij Booz & Company

CEO-wisselingen nemen wereldwijd licht toe: forse toename in Azië
Het totale verloop van CEO’s vanwege geplande opvolging, ontslag of fusies en overnames, steeg in 2008 mondiaal licht naar 14,3 % (361 topmannen totaal) ten opzichte van 13,7% in 2007 (346 CEO’s). Het percentage geplande wisselingen bleef vorig jaar wereldwijd nagenoeg gelijk: 49% in 2007 ten opzichte van 50% in 2008. Er was echter wereldwijd een grote afname van het percentage fusies en overnames: in 2007 vertrok 20.1% om deze reden, in 2008 was dat nog maar 14.9%. Gedwongen vertrek nam wereldwijd toe met 4%: van 31% in 2007 naar 35% in 2008. Deze stijging is grotendeels te wijten aan een verdubbeling van het aantal gedwongen ontslagen in Azië: van 3.8% in 2007 tot 6.1% in 2008: in Japan moest in 2007 nog maar 0,8% van de topmannen weg, in 2008 was dat maar liefs 3.1%. Dit komt vooral omdat de Japanse economie in een malaise verkeert en omdat het aantal multinationals elders in Azië dat dit jaar deel uitmaakt van het onderzoek fors is gestegen ten opzichte van vorige jaren.

Vroegtijdig vertrek nam vooral toe in financiële sector

Zoals verwacht nam het vroegtijdig vertrek van CEO’s, vanwege prestatie of fusie of overname wereldwijd het meeste toe in de financiële sector. Bij 18% van de 578 onderzochte financiële instellingen ging de topman weg. Een percentage van 8,7% werd ontslagen vanwege hun prestaties, waarvan een aanzienlijk deel in de V.S. Dit betekent een verdubbeling wereldwijd van vroegtijdig vertrek vanwege prestatie in deze sector ten opzichte van het historisch gemiddelde van 3.4% in de afgelopen jaren dat Booz & Company de studie heeft uitgevoerd.

Trends die keuze voor stabiel leiderschap onderstrepen
De raad van toezicht vindt ervaring in het leiden van een bedrijf of belangrijk bedrijfsonderdeel steeds belangrijker: bijna 20% van komende en gaande topmannen in 2008 zijn al CEO geweest: dit is meer dan het dubbele percentage dan het historisch gemiddelde van 9.8% sinds deze studie is gedaan. Daarnaast heeft tweederde (65.4%) van de nieuwe topmannen een bedrijf (18.9%) of een grote divisie aangevoerd (27,4%) overigen waren regionaal verantwoordelijk of COO. 24% van de komende topmannen komt van buiten het bedrijf terwijl 76% eigen kweek is dat via promotie topman is geworden. Senior managers testen potentiële leiders vaak als COO of CFO voordat ze hen als topman aanstellen. In Japan ligt het aantal intern opgeleide topmannen nog steeds het hoogst: op 98%.

Additionele bevindingen:

  • Gemiddelde leeftijd nieuwe topman stijgt: in 2008 bedroeg de gemiddelde leeftijd 52,9 jaar wat bijna twee jaar ouder is dan het gemiddelde van het stabiele gemiddelde van 51 jaar in de afgelopen tien jaar.
  • Topmannen vertrekken op hogere leeftijd: in Europa als zij gemiddeld 57,2 jaar oud zijn en in de Verenigde Staten op 59,4 jarige leeftijd. Japanse CEO’s zijn zoals gewoonijk wat ouder: zij vertrekken als zij gemiddeld 63 jaar zijn.
  • Opkomst van het zogenaamde “apprentice”-model: de helft van de nieuwe topmannen bij geplande CEO-wisselingen in 2008 zijn zogenaamde leerlingen geweest. Deze trend nam met name toe in de V.S. waar in 2008 57% van de nieuwe CEO’s is opgeleid voor de functie. Hiermee is de score 20% hoger dan het historisch gemiddelde in de V.S. van 37%. In de afgelopen jaren was dit vooral gebruikelijk in Japan waar het merendeel eerst intern wordt opgeleid.
  • Internationaal niet multicultureel: 52% van de nieuwe CEO’s hebben een internationale titel gevoerd. Echter maar 13% is afkomstig uit een ander land.Maar 4 van de 361 nieuwe topmannen is vrouw.
  • De studie van Booz & Company geeft zeven stappen aan voor beginnende CEO’s om hun bedrijf door de huidige turbulente tijden te loodsen en hun bedrijf te positioneren voor succes op de lange termijn. Dit behelst onder meer de verwachtingen bijstellen hoe het bedrijf zal functioneren, het leidende team binnen 60 dagen bevestigen of veranderen, contact houden met de markt door te luisteren naar klanten en leveranciers, en de board/raad van commissarissen betrokken houden betreffende hun verwachtingen.

Methodologie
Booz & Company bestudeerde het vertrek van topmannen bij de 2.500 grootste beursgenoteerde bedrijven wereldwijd (op basis van marktkapitalisatie) die in 2008 bij deze ondernemingen vertrokken. Zowel de prestaties van hun onderneming als ook de context waarin hun vertrek plaatsvond, werden geëvalueerd.

Om ook een historisch beeld te kunnen schetsen, vergeleek de firma deze gegevens met de onderzoekresultaten uit 1995, 1998 en van 2000 tot 2008.

Om tot zuivere gegevens te komen, classificeerde Booz & Company de volgende aanleidingen voor vertrek:

  • Fusie- en overname gedreven, waarbij de CEO vertrekt nadat het bedrijf is overgenomen of samengegaan met een ander bedrijf.
  • Prestatiegedreven, waarbij de CEO gedwongen werd af te treden, ofwel wegens achterblijvende resultaten, ofwel door verschil van inzicht met het bestuur.
  • Regulier vertrek, waarbij de CEO aftrad als gevolg van reguliere en geplande opvolging, gezondheidsredenen of overlijden.